maandag 8 september 2014

Dikke acht

't Is nu een week geleden, dat Jens voor het eerst naar zijn nieuwe school ging. Een school die meer gericht is op onderwijs op hoogbegaafde kinderen, waar hij meer contact zou kunnen krijgen met 'gelijkgestemde' kinderen. Want dat was vooral ons doel: dat Jens zich, op sociaal vlak, verder zou ontwikkelen. Niet dat het enorm slecht ging op zijn vorige school, maar het was een zesje. En we gunnen hem zó dat het een dikke acht wordt.

De eerste dag haalde ik hem op en liet hij mij enthousiast de klas zien. Zijn weektaken, het schaakbord en hij vertelde over de juf, die veel grapjes maakte. Over de andere manier van werken: 'Mam, als ik de breuken al kan, hoef ik niet drie weken met de hele klas mee te doen, maar mag ik na de toets meteen het volgende onderwerp gaan doen'. Hij had nog nooit zó veel over school verteld als die ene, eerste dag op zijn nieuwe school.

Het mooiste moment was op vrijdag, vijf dagen nieuw in zijn klas. Quasi nonchalant vroeg 'ie of er een jongetje uit de klas mee mocht, om te komen spelen. Dat was al in geen maanden gebeurd! Hoewel nog wat onwennig, omdat ze elkaar nog niet zo goed kennen, ging het speelafspraakje goed. En hij vertelde dat hij ook al een afspraak had met een andere jongen.

Zal dat zesje dan toch een acht worden?

maandag 7 juli 2014

Complimenten

De laatste schoolweken zouden eigenlijk rustiger moeten zijn: geen huiswerk meer op school,  minder clubjes en afspraken, rapporten mee naar huis en... vakantie! Helaas is dit de afgelopen weken niet het geval: we hollen van gesprek naar gesprek. Met juffen, meesters en ib'ers, Toptalentcoaches en orthopedagogen. Deze week staan er zelfs drie gesprekken gepland!

Nu zijn we in de gelukkige omstandigheid dat onze school enorm goed met ons meedenkt. Soms zitten we met vijf (!) mensen om tafel over één kind. Een bijzonder kind, dat wel. Maar je moet er maar zin in hebben, als school. Gelukkig staan we meestal met de neuzen dezelfde kant uit.

Het zijn niet alleen drukke, maar ook spannende weken. Voor Jens, omdat we overwegen om hem naar een andere school over te plaatsen. Niet omdat we niet tevreden zijn over onze huidige school, maar omdat Jens sociaal gezien wellicht op een andere school beter op z'n plek is. Komende week hakken we de (ingewikkelde) knoop door.

Ook voor Toine was het spannend, hij heeft afgelopen woensdag een intelligentietest gedaan. Daarvan krijgen we vrijdag de uitslag. We zijn enorm benieuwd naar hoe hij het heeft gedaan en hopen er volgend schooljaar ons voordeel mee te doen.

Gelukkig hebben alle gesprekken van de afgelopen maanden hun vruchten afgeworpen: de rapporten van beide jongens waren geweldig goed. Ze waren allebei vooruit gegaan op de punten waar juist zíj zich moesten ontwikkelen. En daarom was ik niet eens trots op hun cijfers en de goede CITO-toetsen, maar vooral op de enorme groei die ze hebben doorgemaakt.

Op mijn Facebook-berichtje over hun goede rapporten en het feit dat de vele gesprekken effect hadden gehad, reageerde een andere moeder met een prachtig compliment: 'Dan mag je ook trots zijn op jezelf, als ouders'. Die nemen we dan maar mee voor de komende weken. We zijn er bijna!



dinsdag 29 april 2014

Vergeten

Heel vaak, bijna elke dag, vergeet ik dat Toine nog maar 5 jaar is. Dat hij eigenlijk een kleuter is, die net als andere kinderen van zijn leeftijd soms boos is en soms nog op mijn schoot kruipt. Die speelt met auto's (maar nog liever met dino's) en lekker wil klimmen, springen en ouwehoeren.
Maar omdat hij nu in groep 3 zit, met klasgenoten van gemiddeld 7 en soms 8 jaar, is mijn referentiekader snel opgeschoven. Een jaar of twee, op zijn minst.

Afgelopen weekend zat Toine in de auto, we hadden zijn broer weggebracht voor een logeerpartij. Terwijl hij rustig in de auto voor zich uit zat te kijken, kwam ineens de vraag: 'mam, wat ik me nou altijd al heb afgevraagd: hoe maak je kankercellen beter?'. Ik legde geduldig alles uit in kindertaal en sloot af met 'misschien moet je maar dokter worden, dan kun je dat onderzoeken'. Hij verzuchtte daarna: 'nee, ik word toch liever archeoloog'.

Door die achteloosheid schoten we in de lach. En beseften we eigenlijk pas hoe bijzonder een dergelijk gesprek eigenlijk is. We realiseren ons natuurlijk dat ons referentiekader waarschijnlijk heel anders is dan gemiddeld. En uiteraard twijfelen we of we de kennishonger van onze 5-jarige wel moeten blijven voeden. Maar gelukkig blijft hij tegelijkertijd  een kleuter, die heerlijk kan spelen met zijn auto's of met zijn dino's. Alhoewel: laatst hoorde ik hem, tijdens zijn spel zeggen: 'tja, is dit nu een diplodocus of een velociraptor?'
5 jaar, jaja.


zaterdag 15 maart 2014

Grenzen verleggen

Een rugzakje. Dat stond, nog niet zo lang geleden, voor mij gelijk aan een zak geld voor kinderen met een handicap, die graag in het gewone onderwijs mee wilden draaien. Voor lieve kindjes met het Syndroom van Down, die in de 'gewone' kleuterkring zitten. En nu, nu heeft mijn eigen zoon een rugzakje toebedeeld gekregen. En toch ben ik er blij mee.

Jens heeft, door zijn combinatie van hoogbegaafdheid én adhd, heel veel moeite met leerstrategieen. Met, om het maar eenvoudig te zeggen, manieren te vinden om vragen en problemen op te lossen. Omdat hij gewend was dat hij antwoorden, zonder te veel na te denken, wel wist. Omdat hij véél te ingewikkeld denkt en vooral omdat hij het, door de chaos in zijn hoofd, niet overziet. Daarom heeft hij meer één op één begeleiding nodig. Iemand die hem letterlijk bij de hand neemt en hem leert ánders te denken. Maar in een klas met 28 kinderen is daar nauwelijks tijd voor.
Daarom besloten we een paar maanden geleden een rugzakje aan te vragen, zodat de school geld zou krijgen voor extra formatie.

Voor het aanvragen moesten we, op alle gebieden, een flinke drempel nemen. Letterlijk, omdat er stapels papier moesten worden ingevuld. Ër moesten rapporten worden opgesteld door deskundigen, school moest alle prestaties van de afgelopen maanden doorgeven. Maar het was vooral een psychische drempel: voor je kind, dat superslim is, een rugzakje aanvragen.

Afgelopen vrijdag kwam de envelop binnen: tegen de verwachtingen in, met alle bezuinigingen, had Jens toch een rugzakje gekregen.
Ik appte enthousiast naar een vriendin dat het was gelukt. En realiseerde ik me dat ik dit vijf jaar geleden nooit had kunnen denken, dat ik hiermee zo blij zou kunnen zijn. Blij met een rugzakje. Zullen ze dit bedoelen met grenzen verleggen? 

zondag 2 maart 2014

Stukje voor stukje

Jens houdt zich in de plusklas bezig met Griekse mythologie. In een van zijn boeken las ik een stukje over de Griekse God chaos, waarvan alle andere Goden afstammen. Het deed me denken aan het afgelopen weekend.

Jens is een chaoot eerste klas. Vergeet altijd alles, is verstrooid en vindt het enorm lastig om te plannen. Dat vertaalt zich in alles: een enorme puinzooi op zijn kamer, gymtassen die twee weken op school blijven liggen en het onvermogen om het huiswerk en z'n andere taken te plannen. Voor een georganiseerd type als ik, is dat soms erg lastig te begrijpen en te accepteren.

Gisteren was het weer zover. Jens moest z'n huiswerk plannen in z'n agenda. Hij had namelijk, naast zijn normale huiswerk, extra huiswerk gekregen. Hij was drie keer zijn huiswerkmapje vergeten. En in een poging tot pedagogisch verantwoord opvoeden, liet ik hem tegen de lamp lopen. Het gevolg: twee volle vellen met sommen die hij moest maken. Ook zijn werk voor de plusklas, dat hij eigenlijk op school moest maken, was nog niet gemaakt. Het werd dus een druk huiswerkweekend.
Toen Jens zijn agenda invulde, schrok hij. 'Mam, is het al 1 maart? Ik heb op 4 maart mijn boekenkring. Dat was ik even vergeten!' Schuldbewust stond hij naast me. Op de vraag waar het boek was, waarover hij ging vertellen, haalde hij zijn schouders op. 'Ik weet het niet. Ik ben het kwijt'.

Ik werd in eerste instantie boos: waarom was hij dit nu weer vergeten? Hoe kréég hij het voor elkaar? Ik somde boos op waaraan hij dan dit weekend nog moest werken: dat was heel veel. Als hij tenminste het boek kon vinden.
Jens stoof stampvoetend naar zijn kamer en begon te huilen. Toen ik op z'n kamer kwam, kwam hij, groot als hij was, op mijn schoot zitten. 'Mam, het is zo veel, ik weet niet waar ik moet beginnen.'

Ik realiseerde me dat hij dit niet overzag: het is immers nog maar een 8-jarig jongetje, ook al is hij zo slim. Ik troostte hem: we gingen het allemaal stukje voor stukje doen.

Dus togen we gistermiddag naar de bieb, waar hij gelukkig zijn boek vond. En draaide hij gistermiddag zijn bespreking in elkaar, die hij vandaag vol trots presenteerde. Ook zijn sommen maakte hij af. Daarna zei hij stralend: 'Mam, het ging goed he, als we het stukje voor stukje doen?'
Het was voor ons allebei een leerzaam weekend!





donderdag 16 januari 2014

Spagaat

Toine moest gisteren, op school, voor straf op de gang staan. Tijdens de leesles had hij zich vooral níet beziggehouden met lezen, maar met belangrijkere zaken: namelijk het uitvoeren van de spagaat. Toen ik dat hoorde, dacht ik: dit is precies de fase waaarin Toine zich nu bevindt: lichamelijk nog een echte 5-jarige kleuter, maar in z'n koppie een kind van 6 of misschien wel 7 jaar.

In de kleuterklas was het al duidelijk dat Toine zich snel verveelde. Tijdens het kringgesprek, als er een rekenspelletje werd gedaan, hing hij op de kop op de stoel. Als de meester een spannend verhaal vertelde, stond Toine alweer aan de andere kant van de kring. Een psycholoog die hem, op ons verzoek observeerde, zag al snel dat het mannetje zich erg verveelde in de kleuterklas. Uiteindelijk besloten we dan ook, na lang overleg, dat hij zou versnellen van groep 1 naar groep 3.

Dat is gebeurd, tot grote tevredenheid van hemzelf, ons en de school. Maar terwijl hij met gemak alles op het hoogste niveau meedoet en nog wat extra uitdaging krijgt, blijft hij toch een kleuter van 5 jaar. Een jochie dat liever de spagaat doet dan de leesles meedoet. "Mam, het lezen is zo saai. Het gaat zo langzaam met de andere kinderen."
Wat is dan wijsheid? Toch nog op school praten over extra uitdaging? Of het maar gewoon even laten gaan? Hij moet immers toch leren dat niet iedereen altijd op zijn tempo mee zal doen.
Ook mama blijft nog even met haar gedachten in een spagaat.

maandag 6 januari 2014

Plannen

Al maandenlang, sinds zijn 8e verjaardag, lag ie op zijn bureau: zijn gloednieuwe Donald Duck agenda. Jens had 'm nog nauwelijks een blik waardig gegund. Maar nu, op de eerste schooldag in januari werd het tijd voor goede voornemens: we zouden gaan Plannen met een grote P!

Het was hard nodig, want het huiswerk van Jens was de laatste tijd een bron van frustratie. Elke keer dacht hij er niet óf te laat aan, had hij zijn juiste mapjes niet bij zich of was hij vergeten voor zijn toets te leren. En hij heeft nogal wat huiswerk: van school, de plusklas, van typeles én de schaakles. En als je ADHD hebt én hoogbegaafd bent (en dus altijd in je hoofd met alles bezig bent behalve metdagelijkse zaken als huiswerk), is dat niet zo'n goede combinatie met huiswerk en plannen.
Iedere keer nam ik mezelf voor om dit beter, samen met hem, te regelen.
Vanavond was het dus zover: we gingen plannen. Het plannen ging nog best redelijk; hij had al redelijk snel in de gaten hoe het in zijn werk ging. Heel enthousiast plande hij dat hij zijn werk voor de plusklas: dat werkstuk moest wel in een avondje voor elkaar zijn.

Toen eenmaal alle dagen in zijn agenda waren ingevuld, ging hij meteen aan de slag met het werkstuk. Hij wist niet waar te beginnen. Toen hij uiteindelijk op Google was beland, verzuchtte hij: "Maar dát ga ik niet lezen." Tja, een werkstuk maken zonder je te verdiepen in het onderwerp, is nog nooit iemand gelukt! En alles was interessant: die ene link en dat plaatje. Ik begon de moed al een beetje te verliezen.

Na een half uur stonden er zes zinnen op papier en was hij er wel klaar mee. Het huiswerk van de typecursus dan maar. Terwijl ik zijn broertje in bed legde, ging hij 'wel even' zijn huiswerk maken. Tien minuten later stonden er zowaar drie woorden op het scherm. Wel had hij zich ondertussen verdiept in de verschillende lettertypen én alle ALT-codes uitgeprobeerd. Ik zuchtte nog dieper.

Om half acht vond ik het wel welletjes. Morgen toch maar naast hem blijven zitten. En de planning aanpassen.